De beweging KSJ-KSA-VKSJ -- Een stukje geschiedenis

In de loop van de 19de eeuw ontstonden katholieke Vlaamse studentengilden, voornamelijk in de colleges.
Uit contacten tussen de verschillende gilden groeide een eerste samenwerking. Zo werd in 1877 de Algemene Studentenbond opgericht, echter niet voor lang. De jong gestorven Albrecht Rodenbach, die mee aan de basis van deze samenwerking lag, wordt echter beschouwd als de grote bezieler van de Katholieke Vlaamse Studentenbeweging. Die kwam tot grote bloei met de stichting van het AKVS (Algemeen Katholiek Studentenverbond) in 1903. Deze organisatie herbergde scholieren, studenten en seminaristen. Kenmerkend voor deze studentenbeweging was onder meer haar politieke voortrekkersrol en directe actie. Ze heeft ongetwijfeld een grote invloed gehad op de culturele ontvoogding en de sociale bewustwording van het Vlaamse volk. De Vlaamse studentenbeweging bleef groeien, maar kwam regelmatig in botsing met de kerkelijke hiŽrarchie. In de jaren 1920-1930 greep die in: de studentenbeweging werd verboden. De KSA (Katholieke Studenten Actie) en de VKSJ (Vrouwelijke Katholieke Studerende Jeugd) werden opgericht. De oprichting van deze twee aparte bewegingen in de jaren 1928-1929 kan gezien worden in het kader van de Katholieke Actie. De Katholieke actie was een beweging die de Kerk wou wapenen tegen haar moderne vijanden. De wereld moest terug gekerstend worden en daarvoor werden de leken ingeschakeld onder leiding van priesters, bisschoppen en paus. In Vlaanderen werd het Jeugdverbond voor Katholieke actie (JVKA) opgericht. Deze koepelorganisatie herbergde verschillende standenorganisaties, zoals KAJ voor jonge arbeiders, KLJ voor landbouwerskinderen en KSA voor studenten.

De KSA werd per bisdom opgericht en uitgebouwd. De bisschoppelijke bewegingen werkten hierbij vrij autonoom. Pas in 1943 werd een nationale structuur op poten gezet met de Interdiocesane Federatie KSA-Jong-Vlaanderen. Het eerste nationale secretariaat was in Roeselare gevestigd. De VKSJ daarentegen was meer centraal uitgebouwd. Er waren ook structuren per bisdom, maar het beleid werd hoofdzakelijk nationaal bepaald (het secretariaat was heel lang in Gent gevestigd). Geleidelijk kwam er een verschuiving van louter een studentenbeweging naar een echte jeugdbeweging. Vanaf de tweede helft van de jaren 30 drongen steeds meer jeugdbewegingselementen binnen: sport en spel, kampleven en uitstappen verschoven het studiewerk naar het achterplan. Uiteindelijk koos men voor de jeugdbewegingsmethodiek. Na de oorlog trokken de bewegingen zich terug op zichzelf. De KSA en de VKSJ creŽerden een specifiek gelaat. Meer dan ooit werd de nadruk gelegd op een eigen stijl en een eigen identiteit. De vermenging van die eigen stijl met jeugdbewegingsactiviteiten bracht de bewegingen op weg naar het jeugdbewegingsmodel. Toch bleven KSA en VKSJ in deze periode sterk kerkelijk en Vlaams geŽngageerd.

In de jaren 1960 en 1970 ontstond een grotere betrokkenheid op de eigen omgeving en de wereld. De bewegingen ondergingen de invloed van de groeiende internationalisering (o.a. dekolonisatie en Europese Gemeenschap), van de vernieuwingen in de Kerk (het Tweede Vaticaans Concilie) en van het studentenprotest in 1968. Vanaf dan kwam het verlangen naar meer maatschappelijk engagement in een ware stroomversnelling terecht. De maatschappij werd kritisch doorgelicht. De katholieke Vlaamse studentenbeweging heeft deze belangrijke erfenis nagelaten voor de latere jeugdbeweging: een traditie van jeugdige bezieling gericht op inzet in de bredere maatschappij. Vele traditionele waarden, normen en gebruiken werden van dan af in vraag gesteld. Op sommige plaatsen werd ervoor geopteerd alleen verder te werken met +16- groepen, omdat alleen met hen echt aan studie en actie gedaan kon worden. Andere groepen braken met de door de nationale beweging uitgezette paden en gingen hun eigen weg.

In deze periode ontstond ook een sterke beweging naar gemengde werkingen. Zo groeide ook de samenwerking tussen beide bewegingen en kon de beweging in 1978 nationaal ťťn worden: KSA-VKSJ. De structuur van de gemengde beweging werd heel sterk geŽnt op de KSA-structuren. In verscheidene groepen werd de naam KSJ ingevoerd: Katholieke Studerende Jeugd.

In de jaren 1970-1980 zoekt de beweging naar een nieuwe pedagogiek, die aansluit bij steeds jongere leden. Het activiteitenaanbod moet optornen tegen een overvloed aan nieuwe ontspanningsmogelijkheden. De genadeloze maatschappijkritiek wordt omgebogen naar het bevragen van de samenleving. Voortaan wordt er minder gepraat en gediscussieerd, maar vooral meer gespeeld, als middel tot opvoeding. Momenteel heeft elke provinciale werkkring nog altijd zijn eigen financieel en pedagogisch beleid, zijn eigen middelen, zijn eigen wettelijke structuur (vzw). Daarnaast bestaat de nationale werking met haar pedagogische en financiŽle werking, die meer is dan alleen aanvullend op de werkkringen. Inhoudelijk werd ook gewerkt aan een duidelijke profilering van onze beweging; in het werkjaar 1992-1993 werd in de beweging zelf werk gemaakt van het opsporen van de pijlers van KSJ-KSA-VKSJ. Dit werk weerspiegelt zich in de visietekst waar spel, christelijk geÔnspireerd zijn en maatschappijbetrokken zijn centraal staan. Deze tekst is bedoeld als leidraad voor de nationale beweging en haar vrijwilligers, als spiegel voor de plaatselijke groepen en als een visitekaartje voor de buitenwereld.

De laatste jaren heeft KSJ-KSA-VKSJ zich actief geŽngageerd om haar leden te sensibiliseren over thematieken als multiculturaliteit en kansarmoede. Ook op het vlak van Noord-Zuid werd een duidelijk standpunt ingenomen door de deelname aan Worldshake en de organisatie van een inleefreis naar Zuid-Afrika. In januari 2001 publiceerde KSJ-KSA-VKSJ haar Open Brief aan Kerk en Maatschappij. Die kon op veel weerklank rekenen in de pers. Hierin gaf de beweging blijk van haar engagement om actief te blijven binnen de kerkgemeenschap, maar aarzelde ze ook niet kritische bemerkingen bij kerkelijke standpunten te formuleren. KSJ-KSA-VKSJ is ook een trendzetter in mens- en milieuvriendelijke producten (schoolset, ringmap, sleutelhanger) en schone kleren, waar de recente lancering van een eerlijk geproduceerde en milieuvriendelijke fleece-trui blijk van geeft. KSJ-KSA-VKSJ is tegenwoordig met 33.000 leden actief in 306 plaatselijke groepen, een aantal gewesten, zes provinciale werkkringen en ťťn nationale beweging.

bron : http://biebel.ksj.org